We hebben een harde hand nodig om onszelf te redden

Collectieve angst voor de dood weerhoudt ons van noodzakelijke actie rond biodiversiteit en klimaat. Er is een harde wake-up call nodig om uit die lethargische toestand te ontwaken. En vervolgens dito maatregelen, waarbij de overheid het voortouw moet nemen.

Zonder het te willen beseffen, plundert de mens de schatkist van de natuur leeg, schreef dagblad Trouw. Aanleiding was de presentatie van het IPBES-rapport over de teloorgang van de mondiale biodiversiteit. De crux van het probleem zit in het woordje ‘willen’. Collectief houden we ons doof en blind voor de feiten die wetenschappers ons al decennialang voorschotelen. We zagen het gebeuren met de door mensen veroorzaakte klimaatverandering, en nu opnieuw met het massale uitsterven van planten en dieren. De kennis over onze penibele situatie is aanwezig. Zelfs zonder alle feiten te kennen, weet de gemiddelde (Westerse) mens dat ons leven op te grote voet onszelf en onze kinderen met een afschuwelijke erfenis opzadelt.

Onlosmakelijk

De foto’s die Trouw bij de artikelen over het IPBES-rapport publiceerde, toonden bekende met uitsterven bedreigde diersoorten. Er ontbrak echter nog een: de mens zelf. Die foto zou bij uitstek onderstrepen dat wij zelf onlosmakelijk deel uitmaken van de natuur die we aan het uitwonen zijn. Als wezens van vlees en bloed zijn wij voor onze voedselgewassen afhankelijk van het bestaan van bestuivende insecten. De momenteel plaatsvindende ineenstorting van insectenpopulaties maakt dat het scenario van voedseltekorten griezelig reëel wordt.

Angst voor de dood

Dit is een beeld dat we collectief niet onder ogen willen zien. De dood is in onze samenleving iets wat we graag op zo groot mogelijke afstand houden. Dat uit zich bijvoorbeeld in de verheerlijking van ‘eeuwige jeugd’, waar de mode- en glamourwereld en de cosmetische industrie bij floreren. Het vooruitzicht dat onze levensstijl het einde van onze eigen soort zou kunnen bewerkstelligen, blijft hierdoor nagenoeg onbesproken. Laat staan dat we er de noodklok over luiden.

Feitelijk zijn we collectief diep getraumatiseerd. Onze moeder (het levensweb op onze planeet) is terminaal ziek en we staan met de rug naar haar ziekbed gekeerd. Om dat vol te houden, hebben we een samenleving gecreëerd die er bij uitstek op is toegerust om ons af te leiden. Wat het nog complexer maakt, is dat ook diezelfde consumptiemaatschappij een (spreekwoordelijke) dood moet sterven, als we de mondiale biodiversiteit en het klimaat willen redden. In een reflex steken we als reactie hierop onze kop in het zand.

Uit het moeras

Er is nog een kans om onszelf uit het moeras te trekken. Want als je eigen kind met de dood wordt bedreigd, halen we alles uit de kast om het tij te keren. Welnu, het leven van onze kinderen wordt levensgevaarlijk bedreigd. Als we dat echt laten binnenkomen, geeft dat ruimte aan andere reflexen.

Als individuen staan we niet machteloos. Ons consumptiegedrag en andere leefpatronen kunnen veranderingen teweegbrengen. Maar wat we bovenal nodig hebben, is een overheid die waar nodig met harde hand ingrijpt om alle zeilen bij te zetten. Dat vereist het uitroepen van een ecologische noodtoestand. Alleen door de situatie als zodanig te benoemen, kunnen adequate maatregelen worden genomen en  bijbehorende middelen worden vrijgemaakt. We zullen snel moeten wennen aan de gedachte dat onze manier van leven op zijn kop en binnenstebuiten moet. Omwille van onszelf, onze kinderen en de rest van het leven op onze prachtige planeet. Het is de enige die we hebben.

Paul Hendriksen (51) is bij Extinction Rebellion actief voor de landelijke werkkring Outreach & Training als trainer/begeleider voor startende lokale XR-groepen. Hij doet al 10 jaar vergelijkbaar werk voor lokale Transitiegroepen en ecodorp-initiatieven, en is vader van twee schoolstakende dochters van 13 en 16.